Eiland De Woude

 

Home
Omhoog

Achtergrond van het project Trapveld

Het Eiland De Woude gaat sinds het begin van de jaren negentig door een periode van sterke veranderingen. Zo is het aantal inwoners sterk gestegen als gevolg van het feit dat veel voormalige boerderijen en stallen zijn opgekocht en gerenoveerd door nieuwe bewoners. Als gevolg van dit proces is ook de samenstelling van de gemeenschap op De Woude enorm veranderd. Zo is het inwoneraantal vanaf het begin van de jaren negentig gestegen van ±100 naar 156 in 2006!
Demografisch gezien is de verandering nog sterker aangezien op dit moment ongeveer 35% van de bevolking bestaat uit kinderen/jongeren onder de 18 jaar.

Eind jaren negentig is dit fenomeen reeds onderkend door een aantal bewoners en bestuurders. Een van de initiatieven die hieruit voortvloeide was de herbouw van het voormalige kerkje, welk project uiteindelijk resulteerde in de vestiging van het Dorpshuis De Kemphaan.

Een ander initiatief was de zoektocht naar een geschikte plek voor een trapveldje alwaar de jeugd zich kon uitleven met voetballen, basketballen en andere sporten. Bijna elk jaar landde er een brief van de kinderen op de deurmat van de Dorpsraad met het verzoek nu eens vaart te maken met een trapveldje.

Door de unieke eigendomsverhoudingen op De Woude (er is feitelijk geen grond in eigendom van de gemeente, alle percelen zijn particulier bezit) stuitte deze zoektocht altijd op de bereidwilligheid van een eigenaar om afstand te doen van zijn/haar perceel, hetgeen nooit is gelukt.

Pas na discussies rond het bestemmingsplan kwam dit dossier in een stroomversnelling, omdat de eigenaren van een perceel midden in het dorp bereid bleken dit te verkopen aan de gemeente, voor de inrichting van een trapveldje.

De realisering van het trapveldje is daarom ook tot één van de drie speerpunten benoemd in het overleg van de Dorpsraad De Woude met de gemeente Castricum. Tijdens het kernenbezoek van het college eerder in 2006 is verder overeengekomen dat gemeente en dorpsraad tav dit dossier samen zouden gaan optrekken en dit project als onderdeel van de nieuwe visie, zoals beschreven in het coaliteakkoord, te beschouwen.